Zwols Historisch Tijdschrift
37e jaargang 2020 nummer 3 850 euro
De geboorte van
het Zwolse toerisme
Themanummer
138 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
Suikerhistorie
70 jaar VVV Zwolle 18951965
In 1895 werd de Zwolsche Vereeniging tot bevordering
van het vreemdelingenverkeer en de verfraaiing
van de stad Zwolle en omstreken opgericht
tijdens een vergadering in een van de bovenzalen
van de Harmonie aan de Grote Markt Het
doel van de vereniging was om in samenwerking
met omliggende gemeenten te komen tot wat kan
strekken tot verfraaiing van de gemeente Zwolle
en van hare omstreken tot veraangenaming van
het verblijf aldaar en tot verlevendiging van het
verkeer Vanaf het begin stond de promotie van
Zwolle en omgeving hoog in het vaandel Dat
gebeurde door veel wervend materiaal uit te geven
in de vorm van gidsen folders en brochures Ook
bij de organisatie van evenementen was de VVV
nauw betrokken Zie verder het artikel van Jan van
de Wetering in dit nummer
De vereniging VVV werd in 1976 opgeheven
en omgevormd tot een stichting waarvan het college
van B en W de bestuursleden benoemde De
Zwolse VVV stond aan de wieg van de commissie
Zomerfeesten die later werd omgezet in de stichting
Stadsevenementen Zwolle SEZ
De VVV was in de loop der tijd op verschillende
locaties gehuisvest Na de Tweede Wereldoorlog
was dat onder meer aan de Ter Borchstraat
in een kiosk aan het Stationsplein 1953 in de
Hoofdwacht aan de Grote Markt 1966 in het
Refter aan het Bethlehemse Kerkplein 1972
aan het Grote Kerkplein 1979 en opnieuw in de
Hoofdwacht aan de Grote Markt 2009
Sinds 2013 is de VVV uit Zwolle verdwenen
Daarvoor in de plaats kan men nu terecht bij twee
Toeristische Informatie Punten een particulier
initiatief van ondernemend Zwolle te vinden in
het Zwolse Balletjeshuis aan het Grote Kerkplein
en bij Waanders in de Broeren
Wim Huijsmans
Collectie Dick Hogenkamp
De Grote Kerk met Hoofdwacht links op de Grote Markt omstreeks 1970
De VVV was twee keer in de Hoofdwacht gevestigd van 1966 tot 1972 en van
2009 tot 2013 Collectie HCO
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 139
Inhoud
Suikerhistorie Wim Huijsmans 138
De geboorte van het Zwolse toerisme
Jan van de Wetering 140
Vervolgd
Wie moet dit doen Redactie 189
Oud Nieuws
Een onverwachte maar kritische bezoeker
Kieks Agterom 192
Nieuws van onze website
Jan van de Wetering 198
Boekenrecent verschenen 200
Auteurs 201
Redactioneel
Door corona vallen veel mooie ideen in
het water Zo ook de nog maar heel korte
traditie om elk nummer van het Zwols
Historisch Tijdschrift in een historisch caf te presenteren
Hoe mooi zou het zijn geweest om het
eerste exemplaar van dit bijna themanummer over
de geboorte van het Zwols toerisme te overhandigen
aan een van onze onvolprezen stadsgidsen die
bezoekers van Zwolle door onze mooie stad gidsen
Een mooi idee maar corona heeft er een dikke
streep door gezet wat waarschijnlijk ook geldt voor
het bezoek van veel toeristen aan Zwolle
Meer thuis zijn betekent ook meer tijd voor
het lezen van ons tijdschrift Jan van de Wetering
neemt u mee in de initiatieven om Zwolle tot
een toeristische trekpleister te maken Hij laat u
wegdromen in de belevenissen van reizigers in
het verleden of reageren op de opinies die zij over
onze stad hadden In de rubriek Oud Nieuws
maakt u kennis met Zacharias Conrad von Uffenbach
die begin achttiende eeuw met zijn jongere
broer Zwolle bezocht en onder meer schreef over
de omstreden predikant Frederik van Leenhof
Vreemdelingen bewonderen al eeuwenlang in
Zwolle de mooie bouwwerken De meer recente
architectuur heeft ook pareltjes opgeleverd bijvoorbeeld
de ontwerpen van de vooraanstaande vertegenwoordiger
van het Nieuwe Bouwen JB Wiebenga
In een reactie op een artikel van Kees Canters in
het vorige ZHT geeft Johan Teunis een aardige inkijk
in Wiebengas Zwolse werkomstandigheden en de
relatie met zijn collega WBM Beumer
Op onze website wwwzwolsehistorischevereniging
nl kunt u nog veel meer Zwolse geschiedenis
vinden In de rubriek Nieuws van onze
website kunt u lezen welke nieuwe films en videos
daar geplaatst zijn
De redactie wenst u naast veel leesplezier
ook veel kijkplezier in deze vreemde tijden
Cover Vrolijk gezelschap voor een herberg
omstreeks 1680 Door Gerrit Grasdorp
Rijksprentenkabinet beeldbank
140 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
Jan van de Wetering
De geboorte van het Zwolse toerisme
Op reis of toch maar niet
Al vanaf het prille begin van de stad kwamen er
reizigers naar Zwolle om handel te drijven om
familie te bezoeken om strijd te leveren om te
studeren en om nog veel meer redenen maar bijna
nooit voor hun plezier Ze hadden om het maar
zo te zeggen wel wat anders te doen Natuurlijk
kwamen er in de oude tijden ook mensen naar
Zwolle voor hun plezier maar die kon je tellen op
de vingers van n hand Daar waren goede redenen
voor De meest basale is misschien wel dat een
plezierreis als het ware nog moest worden uitgevonden
Aardig is de anekdote over de Italiaanse
dichter en schrijver Petrarca als eerste toerist uit de
geschiedenis Op 26 april 1336 beklom hij de Mont
Ventoux in het zuiden van Frankrijk Hij schreef
daarover dat hij de eerste mens was die sinds de
klassieke oudheid een bergtop besteeg alleen maar
voor het uitzicht op de top Hij schreef dus niet dat
hij de eerste mens was die een berg beklom vele
schaapherders gingen hem voor maar hij was
wel de eerste die dat deed voor het uitzicht over het
landschap Alleen voor zijn plezier dus1
Een belangrijke reden om niet voor je plezier
te gaan reizen was dat het buiten de dorpen en steden
vaak gevaarlijk was Dat was in onze contreien
zeker het geval ten tijde van de Tachtigjarige
Oorlog 15681648 Maar ook nog lang daarna
In 1672 raakte de Republiek der Zeven Verenigde
Nederlanden in oorlog met Engeland Frankrijk
en de bisschoppen van Mnster en Keulen Toen
Bommen Berend de bisschop van Mnster dat
jaar Zwolle binnenviel werden reizigers die in
Zwolle overnachtten nauwlettend in de gaten
gehouden door het stadsbestuur Iedere herbergier
of logementhouder moest dagelijks vr het
sluiten van de stadspoorten opgave doen van de
gasten die er verbleven op straffe van een zware
boete als ze dat niet deden De reizigers kwamen
uit alle windstreken zelfs uit het buitenland maar
de meeste kwamen uit de regio Plezierreizigers
zaten er gezien de oorlogssituatie niet bij Het was
een bonte mengeling van militairen soms met
marketentsters paters en kosters schouten burgemeesters
van de omringende steden schippers
voerlieden kooplieden en boeren Slechts n
En toen bijna van de een op de andere dag droogde de toeristenstroom in Zwolle op Corona lockdown
anderhalve meter afstand binnenblijven Een paradox meer dan een maand lang zou Zwolle mooier
zijn dan het in jaren was geweest met zijn nu verlaten straten en pleinen zonder de chaos van alledag
terwijl de bezienswaardigheden stonden te stralen in de voorjaarszon Maar wat is een stad zonder mensen
Inmiddels juli 2020 stromen de straten weer vol met Zwollenaren en de eerste toeristen
In dit artikel gaan we terug naar de jaren waarin toeristen nog niet bestonden In Zwolle niet in Nederland
niet Om louter voor je plezier op reis te gaan is tijd en geld nodig en die combinatie was voor de meeste
mensen niet weggelegd En wie zich wel een plezierreis kon veroorloven deed dat spaarzaam want in tijden
zonder vliegtuigen autos en zelfs maar een fiets was elke reis een langdurige moeizame onderneming
Maar naarmate de algemene welvaart steeg vanaf eind negentiende eeuw groeide ook het aantal plezierreizigers
Het was in die tijd dat het woord toerist zijn intrede deed
Hoe die ontwikkeling is gegaan is onder andere af te leiden uit vele reisverslagen en wandelgidsen In
dit artikel hoop ik duidelijk te maken dat het scharnierpunt van het moderne toerisme in Zwolle omstreeks
1895 ligt Toen werd hier de Vereeniging tot bevordering van het Vreemdelingenverkeer opgericht de voorloper
van de VVV en verscheen bovendien de eerste stads en wandelgids voor Zwolle nieuwe stijl
Francesco Petrarca
1304 1374 Bing
images
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 141
keer was er een vrouw bij de gravin van Bentheim
met haar gevolg2
Nieuwsgierig naar Zwolle
Maar toen jaren van vrede aanbraken was de animo
voor een plezierreis nog steeds erg klein Het
grootste deel van de bevolking was zes dagen per
week bezig om zijn brood te verdienen vakanties
waren er niet Plezierreizen waren voorbehouden
aan de adel en vermogende burgers waarbinnen
studenten en aankomende kunstenaars een
belangrijke groep vormden Zij konden op kosten
van hun ouders of andere weldoeners een gesubsidieerde
reis maken Toch was er na de Vrede van
Mnster in 1648 het slotakkoord van de Tachtigjarige
Oorlog iets veranderd Zwolle maakte net
als heel Overijssel definitief deel uit van de Republiek
der Zeven Verenigde Nederlanden Velen
realiseerden zich toen pas echt dat hun stad en
provincie deel uitmaakten van een groter geheel
Dat maakte nieuwsgierig hoe zagen die andere
gewesten en steden er eigenlijk uit Bijna iedereen
had wel van Zwolle gehoord maar afgezien van
handelslieden schippers en militairen waren er
slechts weinigen ooit geweest
Doorgaans bleef het bij die vaststelling maar
in de zeventiende en achttiende eeuw stond een
aantal mannen op de tijd van reizende vrouwen
moest nog komen die we de pioniers van het
hedendaagse toerisme kunnen noemen Ze waren
geletterd hadden belangstelling voor geschiedenis
waren nieuwsgierig n ze beschikten over
voldoende tijd en geld om op reis te gaan Tegelijkertijd
waren er al snel uitgevers die brood zagen
in de behoefte van reizigers aan informatie over de
Nederlanden Ze namen schrijvers in dienst die de
provincies ingingen of correspondenten die een
stad of dorp goed kenden Dat leidde tot een aantal
reisboeken zo omvangrijk dat de reizigers ze
waarschijnlijk niet meenamen maar ze voor hun
vertrek alleen gebruikten als informatiebron
De reisboeken van Jan en Nico ten Hoorn
Jan ten Hoorn een boekverkoper uit Amsterdam
was waarschijnlijk de eerste die een Nederlandstalig
reisboek op de markt bracht waarin Zwolle
genoemd werd In 1689 verscheen zijn Reysboek
door de Vereenigde Nederlandsche Provincin en
derzelver aangrenzende Landschappen en Koninkrijken
Veel eerder kon ook niet gezien de lange
reeks van onveilige jaren Hij gaf slechts korte
beschrijvingen van de bezienswaardigheden in
de belangrijkste steden Zwolle moest het net als
Deventer Kampen en Hasselt met slechts n
bladzijde doen Jan ten Hoorn of zijn correspondent
valt door de mand als hij over de Sint
Michalskerk de Grote Kerk schrijft dat deze
met een treffelijke toren was versierd De hoogste
Zwolse toren uit die tijd 113 m was in 1669
door de bliksem getroffen in brand gevlogen en in
1682 ten slotte ingestort Zelfs in de herdruk van
het boek in 1700 liet Van Hoorn de toren nog fier
overeind staan
Van de andere Zwolse bezienswaardigheden
noemde Ten Hoorn de Onze Lieve Vrouwekerk
Het Reysboek van Jan
ten Hoorn Wikimedia
142 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
die met een hooge doch stompe toorn uitmunt
de Bethlehem en de Broerenkerk het Raadhuis
nu zo schoon niet als t wel eertydts geweest
heeft het Weeshuis het Oudemannenhuis het
Heilige Geestgasthuis het Pesthuis het Soldatengasthuis
en het Ammunitie en Koornhuis
Tot slot prees hij de drie grote stadspoorten de
Diezerpoort Kamperpoort en Sassenpoort als
hooge en treffelijke gebouwen en de elf door een
brede en diepe gracht omgeven zware bolwerken3
Veertig jaar na de eerste druk van het Reysboek
van Jan ten Hoorn gaf zijn neef Nicolaas ten
Hoorn een vergelijkbaar boek uit Reisboek door
de voornaamste Koningryken en heerschappyen
van Europa 1729 Zijn tekst over Zwolle is exact
gelijk aan die van zijn oom Bijna een halve eeuw
na de ineenstorting stond de toren van de
St Michalskerk er nog altijd ongeschonden bij
Al die jaren was er dus nooit iemand echt in
Zwolle gaan kijken Het is duidelijk dat het genre
reisboeken nog in de kinderschoenen stond
Dat neemt niet weg dat de uitgevers het nut van
reisboeken helder voor ogen hadden Nicolaas ten
Hoorn schrijft in zijn Voorreeden
Wie ondervind niet dat het bezichtigen van
andere Landen en Koningryken tot nut en tot
leerzaamheit strekt wie weet niet dat het reizen
om Koophandel te dryven noodzaakelyk is
wie weet niet dat men om vermaak verre reizen
onderneemt om de afgelegene vreemdigheeden
te beschouwen beroemde Steeden te bezien de
nageblevene brokken der oudheit op te delven de
trotsheit der thans onder puin leggende wonderen
na te speuren de Staatkunde den Koophandel
Levenswyze Godsdienst konsten weetenschappen
en gelegendheeden der nabuuren en afgelegener
Staten te leeren kennen en eindelyk uit zo veelerhande
Volkeren het beste weet uit te kippen om
het goede en voordelige dat men uitgekoozen heeft
ook in zyn Vaderland over te brengen
In deze oertijd van het toerisme zijn de beweegredenen
van de reizigers aanmerkelijk veelzijdiger
dan die van tegenwoordig In onze tijd kijken veel
toeristen graag met een nostalgische blik naar de
steden die ze bezoeken De eerste plezierreizigers
keken niet alleen naar het verleden maar ook naar
het heden Jan en Nicolaas ten Hoorn schreven niet
over het Oudemannenhuis of het Weeshuis omdat
die gebouwen zo mooi waren maar omdat ze een
belangrijke functie voor Zwolle hadden Hetzelfde
geldt voor hun vermelding van de Zwolse verdedigingswerken
Die hadden nog de functie waarvoor
ze waren aangelegd Dat mocht gezien en bewonderd
worden al hadden ze hun beste tijd gehad
Overnachten in het Vliegende Paard
of in de Twee Tamboers
Oom en neef Ten Hoorn noemden slechts n
overnachtingsadres in Zwolle de Witte Wan
de Wanne op de Grote Markt nr 13 Dat was
voorzichtig gezegd wat zuinige informatie Zwolle
telde rond 1700 tussen de dertig en de veertig
herbergen en logementen die samen goed waren
voor twintig tot vijftig overnachtingen per dag
Andere populaire onderkomens waren bijvoorbeeld
de Zon Melkmarkt het Rode Hert Grote
Markt het Vliegende Paard Voorstraat de
Gulden Pauw Sassenstraat de Drie Moriaenen
bij de Kamperpoort de Keizer nu de Belgische
Keizer Melkmarkt de Keizerskroon Kamperstraat
de Valk Kamperstraat Op den Dyck
in het Gekroonde Mnster tegenwoordig Thorbeckegracht
64 en de Twee Tamboers bij het
Pelserpoortje4
Rechts Het pand van
Het Vliegende Paard
op Voorstraat 17 in
1972 De naam is blijven
voortbestaan in de
gelijknamige studentensociteit
die hier sinds
1995 gevestigd is Foto
Jan de Koning collectie
HCO
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 143
Die vele overnachtingsmogelijkheden zijn
begrijpelijk Zwolle ligt al eeuwenlang op een
knooppunt van land en waterwegen De stad
had mede daardoor vele handelscontacten met
steden in Overijssel en rondom de Zuiderzee
maar ook in Duitsland Engeland en de Oostzeelanden
Reizigers konden gebruik maken
van postkoetsen diligences trekschuiten en
zeilschepen die samen een uitgebreid en goed op
elkaar afgestemd netwerk vormden Op diverse
punten in de stad waren in en uitstapplaatsen
voor de postkoetsen zoals bij de Wanne aan de
Grote Markt en bij het Munstersche huis aan de
Dijk Thorbeckegracht Ze reden bijna dagelijks
letterlijk naar alle windstreken door over te stappen
kon je in een uur of zestig naar Hamburg
Bremen of Mnster reizen Met trekschuiten
kon je goedkoop naar onder andere Kampen en
Hasselt varen Reizigers uit Friesland of Noord
Holland konden dagelijks met een zeilschip over
de Zuiderzee naar Zwolle varen
Koorts koliek en winderigheid
Het Reysboek van Jan ten Hoorn is ook in ander
opzicht de moeite van het lezen waard Voorafgaand
aan de stedenbeschrijvingen gaf hij
waarschouwingen dienstig voor reizende lieden
Zoveel waarschuwingen dat het lijkt of de reizigers
een wereldreis vol gevaren gingen maken Je kon
maar beter goed voorbereid zijn Daarom bevat
zijn boek een eeuwigdurende almanak een papieren
zonnewijzer een tafel der watergetijden een
overzicht van de verschillen in gewichten tussen
de verschillende steden een reismedicijnboek
gebeden voor reizigers ochtend middag en
avondgezangen Maar eerst en vooral gaf hij deze
waarschuwing vooraf
Eer we den Reiziger aanwyzen op wat voor
manieren hy het bekwaamste zal Reizen dient
vooraf tot Waarschouwing dat hy zich vooral
heeft te wachten van deze volgende vier zwarigheden
als voor valsche Speelders Roovers Dieven
en Hoeren
Herberg bij Frankhuis
door Gerrit Grasdorp
16591716 RKD
144 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
Een reis door de zeven provincies van de
Republiek was inderdaad geen sinecure De reiziger
liep al gauw de kans te verdwalen in een
oceaan van herbergen schuit en wagenvaarten
In grote lijnen waren de land en waterwegen
naar de reisbestemming bekend maar niet de
staat waarin ze verkeerden Betrouwbare en
actuele informatie kregen de reizigers pas onderweg
van vervoerders en herbergiers Door de
vermoeienissen tijdens de reis staken maar al te
vaak ziekten de kop op Ten Hoorn waarschuwt
dat je tijdens het reizen bijvoorbeeld last kunt
krijgen van koorts koliek of winden Zijn advies
laat in de eerste herberg die je tegenkomt wat
Franse wijn met nootmuskaat en wat oranje
schillen sinaasappelschillen op het vuur zetten
en drink dat warm op Mocht dat niet werken
probeer dan bij een barbier een kwart loot ongeveer
8 gram Philonium Romanum een stevig
oosters kruidenmengsel uit de Romeinse tijd te
kopen en dat met wat anijswater op te drinken
Reizigers die over de Zuiderzee naar Zwolle voeren
konden zeeziek worden en dan was het goed
te weten dat een flinke teug van een glas half
zeewater half rode wijn de zeeziekte doet verdwijnen
Zelfs pestilentie kon niet worden uitgesloten
niet voor niets vermeldde Ten Hoorn het
Pesthuis in Zwolle Zijn advies was bij het minste
symptoom s morgens een lepel azijn met wat
wijnruit een bitter kruid in te nemen samen
met beschuit en okkernoten
Valsspelers rovers dieven en hoeren
Ook in herbergen was het uitkijken geblazen Je
kon er op rekenen terecht te komen in bedsteden
vol luizen Een zemen lap met wat kwikzilver
daarin genaaid kon dan uitkomst bieden Valsspelers
en dobbelaars waren nog veel gevaarlijker
Ten Hoorn adviseerde ze te ontlopen zeker als ze
met je wilden aanpappen Je moest vooral attent
zijn op bedriegers met geverfd hoofdhaar en valse
baarden Omdat reizigers toen vooral mannen
waren was een waarschuwing tegen de hoeren in
logementen op zijn plaats
Herberg met triktrakspelers
1669 Door
Egbert van Heemskerk
Rijksmuseum
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 145
Wacht u voor het lonken van hun ogen De
stralen die zij daar uit schieten zijn net zo vergiftig
voor uw ziel als het venijn van de allergiftigste
beesten schadelijk voor uw lichaam kan zijn Hun
vlees t geen zich van buiten zo schoon opdoet en
waar uw ogen op verlieven is van binnen niet dan
met etter en vuiligheid vervuld
In hoeverre al deze gevaren reel waren
valt moeilijk te zeggen Wel is zeker dat onze
gewesten nog lang na de Tachtigjarige Oorlog
onveilig waren door verschoppelingen van de
maatschappij landlopers bedelaars afgedankte
huursoldaten en gevluchte criminelen In stad
of dorp kregen ze alleen als het niet anders kon
tijdelijk onderdak Maar meestal werden ze al snel
de stadspoorten uitgejaagd met als gevolg dat het
platteland het afvoerputje van de samenleving
was Daar beroofden bendes onvoorzichtige reizigers
van geld en kostbaarheden Geadviseerd
werd daarom niet alleen op pad te gaan
Over reiskleding repte het Reisboek niet Zeker
is dat de reizigers eerst en vooral kleding droegen
die paste bij hun stand Er bestond vermoedelijk
weinig verschil tussen de kleding thuis of op reis
Rond 1700 bestond de stijf zittende kleding uit
vele lagen en het lichaam was van kop tot teen
bedekt De brede hoed voor mannen en het haar
tot op de schouders waren nog steeds in de mode
evenals het dragen van laarzen Maar het was een
overgangstijd Mannen en vrouwen van adel en
uit de stedelijke elite gingen pruiken dragen wat
het reiscomfort niet erg bevorderde De mode
van die tijd zal met name in de zomer tot bijna
ondraaglijke hitte hebben geleid Wie tijdens de
reis oververhit raakte werd aangeraden in plaats
van bier een half mutsje brandewijn te drinken of
een half glas Franse wijn
Citymarketing in 1733
Een informatiever reisboek is het Groot Algemeen
Historisch Geographisch Genealogisch en Oordeelkundig
Woordenboek een tiendelige serie over de
Zeven Provincin van David van Hoogstraten en
Jan Lodewijk Schuer5 Het boek verscheen in 1733
David van Hoogstraten
16581724
Universiteitsmuseum
Amsterdam
Gezicht op Zwolle
1729 door Andries
Schoemaker 1660
1735 Delpher Het
Geheugen atlas Schoemaker
146 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
enkele jaren na het overlijden van Van Hoogstraten
De auteurs hadden het lemma Zwol uitbesteed
aan Zwollenaar Pieter le Clercq 16931759
die onder andere bekend werd als vertaler van
Steeles Spectator Le Clercq leverde geen half werk
hij schreef zes volle bladzijden over de geschiedenis
van Zwolle zo gedegen dat de eerste grote Zwolse
stadshistoricus Van Hattum er ruim dertig jaar
later dankbaar gebruik van zou maken6 Bovendien
geeft Le Clercq in tegenstelling tot de reisboeken
van de familie Ten Hoorn correcte actuele informatie
hij maakt melding van zowel de brand als de
ineenstorting van de toren van de St Michalskerk
En dat werd tijd ook
Le Clercq gaf als een van de eersten verklaringen
voor de naam Zwolle Wolstad was een
mogelijkheid maar ook Zaal een oud herenhuis
dat wel werd uitgesproken als Zuol of Zwol
Mooi gevonden is zijn suggestie dat de stad zijn
naam heeft gekregen van het zwellen der runderbeesten
in hare grasrijke weiden of wel van enige
gezwellen die deze beesten er plachten te krijgen
We merken nog op dat ook in de reisboeken tot
ver in de negentiende eeuw onze stad nu eens
Zwol en dan weer Zwolle werd genoemd
Le Clercq was trots op zijn stad en liet dat weten
ook Zijn relaas is zo uitbundig positief dat het
lijkt op wat we in onze tijd citymarketing noemen
De stad is tamelijk groot zeer volkrijk luchtig
en met drie grachten doorsneden Zij heeft drie
pleinen of markten brede straten die zeer net
geplaveid zijn en waarop men eene zindelijkheid
bespeurt die men in andere steden van Overijssel
vergeefs zou zoeken Men ziet overal dat de Magistraat
alle vlijt aanwendt om de stad van buiten en
van binnen te verfraaien naar mate van hare welvaart
Zij ligt in eene zeer aangename landsdouwe
aan een riviertje dat in het Zwarte Water valt of
liever op het einde des Zwarten Waters
De lucht is er uitnemend gezond en zij is
omringd van vruchtbare korenlanden en grasrijke
weiden waarin hare inwoners en voornamelijk in
het bijgelegen vette Mastenbroek alle jaren vele
duizenden ossen weiden Deze vermakelijkheid
harer gelegenheid wordt dagelijks vermeerderd
door de zorg van den Magistraat die telkens nieuwe
lanen buiten de stad doet aanleggen en beplanten
tot vermaak der burgerij De stadswallen en
De Diezerpoort midden
zeventiende eeuw door
Gerard ter Borch 1617
1689 Rijksprentenkabinet
beeldbank
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 147
cingels zijn ook zeer vermakelijke oorden voor den
wandelaar die er onder het lommer van hoge Iepen
een aangenaam scherm vindt tegen het steken der
hete zon en het geblaas der gure winden
Vol lof is Le Clercq over de drie grote stadspoorten
van Zwolle Ze zijn hecht en zwaar van
bouw en het gezicht van een liefhebber der
bouwkunde waardig De Sassenpoort is een der
stoutste gebouwen die men zien kan Ook heeft
hij bewondering voor het wachthuis aan het eind
van de Kamperpoortenbrug Dat is gebouwd van
Bentheimersteen zo groots en sierlijk dat men
moeite zal hebben om in gansch Nederland een
weerga van dit stuk te vinden Al even imposant is
de Stadswaag de plaats waar de handelsgoederen
gewogen werden De Zwolse waag stond op de
hoek van de Voorstraat en de Luttekestraat Hij
vond het een tamelijk ruim gebouw dat ook tot
pakhuis diende om Hessische en andere Duitse
goederen bomen en stenen te bergen tot er weer
een wagen bevracht kon worden die met elf of
meer paarden getrokken werd Ook de stedelijke
bedrijvigheid liet Le Clercq niet onvermeld
Wat de fabrieken werkplaatsen dezer stad
betreft die bestaan meest in paardenharenknopen
spelden linnen en zoolleer Sedert enige
korte jaren heeft men er eene grote fabryk van
gewevene koussen opgericht een tweede zaagmolen
en twee pelmolens gezet bij die er reeds
waren Bovendien zijn een papierwindmolen
twee zoutketen een lymery een azynmakery eene
fabryk van allerhande zyde stoffen en eene van
Haarlemmer streepjes opgerecht
Wetend dat zijn verhaal ook de aandacht kon
trekken van handelaren beschreef Le Clercq uitvoerig
de voordelen van Zwolle als overslagplaats
Alleen al de ligging dat kon toch niet beter Het
Zwarte Water is bevaarbaar met snikken smakken
en diergelijke schepen en geeft den inwoonderen
daardoor gelegenheid om tot in de Oostzee te
gaan handelen de nodige koopmanschappen uit
Engeland te gaan halen en tot binnen in hunne
stad te brengen Vreemd vond hij dat de handel van
Bedrijvigheid bij het
Rodetorenplein midden
zeventiende eeuw door
Gerard ter Borch 1617
1689 Rijksprentenkabinet
beeldbank
148 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
de stad niet groter was want vervoerders die hun
waren via Zwolle doorvoerden bespaarden wel zestien
of achttien uur wagenvracht En bovendien
Hunne paarden die zij buiten de stad in de
weide jagen kosten hen ook minder dan de helft
van hetgene het voeder hen elders komt te staan
Daarenboven zijn de factoors handelaren te Zwol
zeer bekwaam in hun beroep uitnemend gedienstig
zeer zorgvuldig in het bewaren der goederen
hen aanbetrouwt en ongemeen yverig om dezelve
zodra het geschieden kan te expediren
Een smerige onzindelijke stad
Na deze lofzang op Zwolle is wat tegenwicht op
zijn plaats Misschien is het beter een stad te laten
beoordelen door een vreemdeling iemand die
met een niet vooringenomen blik zijn waarnemingen
doet Maar ach ook die zijn vaak het
resultaat van de waan van de dag Neem het reisverslag
van de Duitse wetenschapper boekenverzamelaar
en reiziger Zacharias Conrad von Uffenbach
16831734 uit Frankfurt De welgestelde
Von Uffenbach en zijn broer reisden in de jaren
17091711 per rijtuig postkoets en trekschuit
door onze gewesten en deden daarbij ook Zwolle
aan Want ook buiten de Republiek waren reizen
naar vreemde streken in opkomst Nog steeds
alleen onder de elite uiteraard maar toch
Het was een studiereis Von Uffenbach
beschreef net als veel plezierreizigers overigens
de cultureelhistorische bezienswaardigheden van
de steden en zijn ontmoetingen met beroemde
personen Hij betitelde de reis als Merkwrdige
Reise in tegenstelling tot een volgende reis naar
de Republiek in 1718 die het predikaat Lustreise
kreeg Maar toen werd Zwolle niet aangedaan
Volgens zijn beschrijving stapten de broers
in Kampen in een bolderwagen naar Zwolle een
rammelende hortende en stotende overhuifde
boerenwagen En dat met een broeinest van een
pruik op zijn hoofd als we af mogen gaan op zijn
statieportret De broers vonden onderdak in logement
Op den Dijck in Het Gekroonde Mnster
Thorbeckegracht 64 Na de vermoeiende reis
was hun humeur er niet beter op geworden Zowel
de huizen en de straten zagen er niet Hollands
uit In tegendeel Von Uffenbach vond de straten
smerig onzindelijk zeer onregelmatig smal en
slecht Hij was een beetje ontstemd omdat hij op
het verkeerde been was gezet door al te lovende
informatie over Zwolle in buitenlandse reisgidsen
Zijn waarneming was anders
Wij bemerkten terstond twee dingen die
geen zeer goed bestuur aanduiden Zoals het
spreekwoord zegt gelijk het uurwerk zo is ook
het bestuur van een stad Ofschoon nu dit spreekwoord
hoofdzakelijk de noodzakelijkheid van een
goed toezicht op het uurwerk zal aanduiden zoo
bemerkten wij toch dat de stad er slecht mede
voorzien is en men zeer weinig en niet wl hoort
slaan en een klokkenspel op de Peperbus zoals
bijna in alle steden der zeven Provincin volstrekt
niet hoort De tweede aanmerking was de onzindelijkheid
der straten hetgeen waarlijk geen klein
gebrek in de politie het beleid van de stad is
waarbij ten derde ook de bedelaars te rekenen zijn
die anders in Holland niet geduld worden
Ook een bezoek aan de Bethlehemkerk zinde Von
Uffenbach niet Er werd net een catechisatiebijeenkomst
gehouden maar er zaten geen kinderen
voor wie de catechisatie toch bedoeld was
maar alleen oude mannen Pas in de Grote of
St Michalskerk verbeterde zijn humeur een beetje
Hij vond het een recht schoon groot helder en
Rechts Interieur van de
Grote of St Michalskerk
een recht schoon
groot helder en voortreffelijk
gebouw met
fraaie preekstoel Door
Jan Gerritsz van Cuylenburg
16281662
Rijksprentenkabinet
beeldbank
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 149
voortreffelijk gebouw en ook de predikstoel was
fraai maar toch niet van het niveau van die in
Bolsward Wat hem wel behaagde was het toen
recente schilderij in de consistoriekamer van
Hendrick ten Oever van vijf Zwolse predikanten
en de koster Zo goed geschilderd was het volgens
hem dat als je het in de kerk van onderaf bekeek je
kon denken dat ze daar levend zaten Het schilderij
heeft de eeuwen overleefd en hangt nog steeds
op dezelfde plaats zodat we onze indrukken met
die van Von Uffenbach kunnen vergelijken Over
de Onze Lieve Vrouwekerk kon hij kort zijn daar
viel niets te zien daar zij sedert lang woest stond
en vrij vervallen was Dat klopte na de Zwolse
beeldenstorm van 1580 werd deze kerk al gauw
voor heel andere dan religieuze doelen gebruikt
Een paar honderd jaar na dato is een kleine
kanttekening wel op zijn plaats Zoals al eerder
gememoreerd was na een blikseminslag een paar
jaar eerder de imposante toren van de St Michalskerk
op 17 december 1682 met groot geraas
in elkaar gedonderd met carillon en al De lege
schatkist van de stad maakte een herbouw onmogelijk
zodat gekozen werd voor het meest haalbare
alternatief in 16861688 werd op de plaats
van de ingestorte toren een achtkantig gebouw
neergezet met daarbinnen de consistoriekamer
Het klokkenspel om de uren aan te geven heel
belangrijk in een tijd waarin niet veel mensen zich
de luxe van een uurwerk konden permitteren
werd overgenomen door de Peperbus de toren
van de Onze Lieve Vrouwekerk
Kein Statt so lustig als sie
Aangemoedigd door de nieuwe reisgidsen maar
soms ook geleid door persoonlijk vormgegeven
avontuur bezocht een kleine stoet aan reizigers uit
binnen en buitenland Zwolle En iedere bezoeker
had zijn geheel persoonlijke belangstelling
Al ontbreekt een kritische noot niet de meeste
plezierreizigers waren overwegend positief over
Zwolle vooral in vergelijking met andere steden
Een kleine greep uit de reisverslagen7
1632 Martin Zeiller Man schreibt von ihr dass
fast in ganz Deutschland kein Statt so lustig liege
als sie
1663 William Lord Fitzwilliam Hij vindt Zwolle
een mooie stad en prijst de vesting met elf bolwerken
en een hoornwerk De preekstoel in de Grote
of St Michalskerk is bijna net zo mooi als die uit
de Oude Kerk in Amsterdam
1697 de in Leiden studerende Engelsman John
Talman De opklapbruggen en fortificaties van
Deventer zijn steviger
Het schilderij van
Hendrick ten Oever
16391716 uit 1691
van vijf Zwolse predikanten
en een koster
Wikimedia Zie ook
p 194
Gezicht op Zwolle met
Diezerpoort rond
1700 door Gerrit Grasdorp
Rijksmuseum
150 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
1749 Theodorus Beckering Het pas gebouwde
tuchthuis is zo fraai dat het meer op een herenhuis
lijkt dan op een spinhuis Hij overnachtte in
logement In den Grooten Toelast Kamperstraat
10 waar de dag ervoor de prins van Hessen
Homburg met gevolg gelogeerd had
1776 JH Dielhelm Zwolle is een van de rijkste en
mooiste steden in heel Overijssel maar de zijstraten
van de grote en schone Markt zijn door het vee en
vooral vanwege de varkens zeer vuil Dat komt ook
door de vele goederenwagens die erdoor rijden
1780 Ernest baron von Knuth Zwolle is een uitstekende
mooie en aangename stad met alleen
en promenades een stad vol handel Een deel van
de straten doet niet onder voor die in Amsterdam
1782 Jakob Friedrich Ehrhart Hij zocht planten
langs de IJsseldijk en in het gebied tussen de IJssel
en de stad Enkele vondsten de heggeduizendknoop
ridderzuring en de Zwolse steenanjer
Een vermakelijke reis in Overijssel
De oude reisverslagen vertellen veel over de
bezienswaardigheden maar weinig tot niets over
de reisomstandigheden Dat is precies omgekeerd
in het schelmenverhaal van Drie liefhebbers uit
Leiden waarschijnlijk studenten die in 1692 een
bootreis maakten vanuit Leiden over de Zuiderzee
en de IJssel Het is een vrolijke geschiedenis waarbij
we de vertelde gebeurtenissen met een flinke
korrel zout moeten nemen maar waarin toch iets
duidelijk wordt van de zeden en gewoonten in
onze contreien Het verhaal geeft bovendien een
mooi beeld van de confrontatie tussen heren uit
betere kringen en de boerenbevolking
Bij vertrek uit Leiden is het jacht van bequame
grote opgetuigd met wimpels vlaggen en een
kanon Met dat kanon kondigen de Leidenaren
in elke plaats hun aankomst en vertrek aan Het
moet een echte plezierreis worden en daarom
hebben ze een bas en violen meegenomen Maar
voorzichtigheid is geboden en daarom zijn er ook
pistolen en snaphanen vuursteengeweren aan
boord om zich zo nodig te kunnen verdedigen
tegen de boeren die ze blijkbaar als een potentieel
gevaar beschouwen Varend in de richting van
de Zuiderzee schieten ze op wild en watervogels
wat ze maar beter niet konden doen omdat dat al
gauw de woede van de boeren wekte
Vrolijk gezelschap voor
een herberg omstreeks
1680 Door Gerrit
Grasdorp Rijksprentenkabinet
beeldbank
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 151
Tijdens de overtocht op de Zuiderzee worden
ze midden in de nacht overvallen door een vele
uren aanhoudende windstilte maar uiteindelijk
krijgen ze het eiland Ens in zicht Ze brengen de
avond door in de herberg die de opperschout
beheert voor schippers en reizigers De heren
halen hun bas en violen tevoorschijn tot groot
vermaak van de eilanders Ze besluiten die nacht
vrolijk te zijn met de voornaamste meisjes die
haar daar selfs om hadden versogt t geen niet
konde gewygerd worden Even later zijn ook de
schout en zijn vrouw de dominee en de schoolmeester
van de partij Als de Leidenaren gaan spelen
is het hele gezelschap al gauw zo enthousiast
datter niet een was of hy danste voornamentlijck
de Boerinnetjes die gekleed waren met korte
rockjes even boven de knijen sprongen wel een
uur aen malkander sonder vermoeyt te worden
De eilandbewoners vertelden na afloop dat ze in
geen vijftig jaar zon plezier hadden gehad
De drie studenten varen de IJssel op en bij de
brug van Kampen schieten ze het kanon weer eens
af Ze pakken hun instrumenten beginnen te spelen
en al gauw staat de brug vol met nieuwsgierigen
Na een ruzie met de tollenaar van Kampen die hen
ten onrechte tol wil laten betalen ze hadden geen
vracht aan boord varen ze verder naar Wilsum
Ook daar bleef hun verblijf niet onopgemerkt In
de plaatselijke herberg vermoedelijk de Zwaan
speelden de heren weer eens een vrolijk deuntje
Dat veroorzaakte zon vreugde in het huisgezin van
de herbergier dat de jongens en meisjes die al in
bed lagen in hun hemdjes aan komen hollen De
vrouw van de herbergier zet de onverwachte gasten
ham vlees boter kaas en spekpannekoeken voor
Als het tijd wordt naar het jacht terug te keren
besluit een van de heren in de herberg te blijven
slapen hij was sinds Leiden niet meer uit de kleren
geweest Hij krijgt een slaapplaats op de hilde
zolder Op de bossen stro waarop hij probeert te
slapen zitten zoveel tandeloze beesten dat het lijkt
of ze er met zijn strobed vandoor willen gaan Eindelijk
in slaap wordt hij zo gebeten door de vlooien
dat hij wild om zich heen zwaait De vloer van de
hilde breekt hij valt naar beneden precies op de
rug van een kalf Dit tot groot plezier van het hele
huisgezin inclusief honden en varkens
Na een akkefietje in Zalk waar de snaphaan
tot vier keer toe weigert bij het schieten op ganzen
en ze maar net aan de woede van boeren ontkomen
varen ze bij Zwolle langs de Katerschans en
andere forten langs de IJssel De heren gaan niet
aan wal omdat er hier behalve die verdedigingswerken
niets te beleven viel In plaats daarvan
varen ze verder naar Deventer en Zutphen op weg
naar nieuwe vrolijke avonturen8
De Grand Tour van Gerard ter Borch de Oude
Hoe was het ondertussen gesteld met de reislust
van Zwollenaren Die was er zoals afgeleid kan
worden uit de aankopen van reisboeken bij Zwolse
boekhandelaren en uit de collectie van bibliotheekbezitters
Veelal zullen het reizen binnen eigen
land zijn geweest maar uit een reisverslag van een
gezelschap Zwolse magistraten blijkt dat ook reizen
buiten de landsgrenzen werden ondernomen In
het voorjaar van 1777 reisden ze via Antwerpen en
Brussel naar Parijs Daar bezochten ze kerken en
bibliotheken en bewonderden ze collecties brillerende
met de allerfraaiste schilderijen en schatten
van allerleij pretieuse silverwerken In 1813 kwam
Lambertus Nilant een kleinzoon van een Zwolse
Gerard ter Borch de
Oude ca 15821662
in 1660 geportretteerd
door zijn zoon Moses
ter Borch Rijksmuseum
152 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
regent erachter dat het stadsleven in Parijs aanmerkelijk
anders was dan in zijn geboortestad Het
krioelde er van menschen de hoeren liepen er door
elkaar dat het een plaizier was om te zien spraken
ons aan namen ons onder de arm en verzogten ons
met hun mee te gaan9
Doorgaans waren dit vrij korte reizen van een
of twee weken Veel langduriger was in die tijd
de zogenoemde Grand Tour Zon reis die soms
langer dan een jaar duurde was tijdens de zeventiende
en achttiende eeuw een populair sluitstuk
van de opleiding en opvoeding van jongelieden
uit de elite Vooral Itali was in trek Dankzij de
Romeinse tijd en de Renaissance werd dat land
gezien als het toppunt van beschaving en cultuur
Een mooi voorbeeld is de Grand Tour van Johann
Wolfgang von Goethe 17861787 Hij maakte
zijn Italienische Reise comfortabel maar soms ook
heel oncomfortabel in koetsen huurrijtuigen af
en toe met een pakket of postboot en soms zelfs
per muilezel Als de omgeving er zich voor leende
legde hij ook hele stukken te voet af
Een Grand Tour kon ook een serieus doel
dienen Vele jonge Europese kunstenaars in spe
maakten een studiereis naar Itali en andere zuidelijke
landen om zich te laten inspireren door de
pracht van steden en natuur Aan het begin van de
zeventiende eeuw reisden ieder voor zich twee
Zwolse jongemannen naar Itali Gerard ter Borch
de Oude en Pelgrom Hardenstein vader van de
latere Zwolse schilder Dirk Hardenstein 1620
1681 Ze hadden hetzelfde doel zich bekwamen
in de teken en schilderkunst Maar het een hoeft
het ander niet uit te sluiten hun Grand Tour
was deels een studiereis en deels een plezierreis
Gerard en Dirk lieten zich met veel geld op zak
van hun ouders graag de geneugten van het
leven onder de Italiaanse zon welgevallen Regelmatig
bezochten ze volkse kroegen Tijdens een
drinkgelag in La Scrofa de Zeug raakten ze zelfs
met elkaar in gevecht Of drank de oorzaak was is
niet bekend maar dat speelde wel een rol bij het
voornemen van Gerard om in 1611 vanuit Napels
de oversteek te maken naar Spanje Dat mislukte
omdat hij in de haven zo in beslag genomen was
door een met drank overgoten afscheid van zijn
landgenoten dat hij de boot miste
Ter Borch had in Itali zijn wilde haren verloren
merkte hij na thuiskomst op Hij was in 1602
vertrokken en keerde pas tien jaar later weer in
Zwolle terug Daar hield hij het tekenen en schilderen
al gauw voor gezien trad in het huwelijk en
verdiende jarenlang een dik betaalde boterham
als convooi en licentiemeester van Zwolle Toch
was zijn Grand Tour niet zonder resultaat hij
maakte in Rome talloze fraaie tekeningen van
Romeinse tempels tuinen en het Colosseum Die
ervaring droeg hij over op zijn kinderen die bijna
allemaal als natuurtalenten te beschouwen zijn
Zoon Gerard ter Borch de Jonge 16171681 zou
een van de beste schilders uit de Gouden Eeuw
worden terwijl dochter Gesina een belangrijke rol
speelde in het bewaren van niet alleen haar eigen
tekeningen maar ook die van haar vader en haar
broers Gerard Harmen en Moses Ook Gerard ter
Borch de Jonge maakte naast reizen door Duitsland
en Spanje een Grand Tour naar Itali10
Ham en room op de Trijselerberg
Onder welgestelde mensen was het in de zeventiende
en achttiende eeuw populair om een
paar maal per jaar een speeltocht te maken
Een uitstapje zouden we tegenwoordig zeggen
Onder stevig toezicht van volwassenen kon dat
uitgroeien tot een galante belevenis voor ongehuwden
om elkaar beter te leren kennen Dat was
mogelijk het geval bij een wandeling die Gesina
ter Borch 16311690 in 1660 met een aantal
vrienden naar de Trijselerberg bij Hattem maakte
Dat was vanuit de Sassenstraat waar ze woonde
een stevige wandeling van ruim 15 kilometer Ze
staken de IJssel over bij het Kleine Veer kochten
ham en room in Hattem en beklommen de Trijselerberg
om zich daar in de schaduw van elzenloof
neer te vlijen voor de lunch Het geluk scheen
eindeloos te duren tot het weer omsloeg De lucht
werd zwart zodat ze zich terug moesten haasten
naar Zwolle Op het veer begon het te donderen
en bliksemen Drijfnat na een dag van vreugde
en een uur van verdriet zoals Gesina het in een
gedicht over deze wandeling uitdrukte kwamen
ze een tijdje later door de Sassenpoort behouden
thuis Vermoedelijk is het hier geparafraseerde
gedicht van Gesina de eerste beschrijving van een
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 153
wandeling naar de Trijselerberg Tot aan het begin
van de twintigste eeuw kon je daar genieten van
een wijds uitzicht over de hele omgeving Geen
wonder dat een bezoek aan de Trijselerberg zou
uitgroeien tot een echte Zwolse klassieker onder
plezierreizigers en later toeristen Behalve het
gedicht maakte Gesina ook een aquarel die vermoedelijk
door deze dag is genspireerd Tegen de
achtergrond van de IJssel en Hattem zien we hoe
Gesina liefdesletters in een boom kerft11
Toerisme in eigen tuin
Ook in de achttiende eeuw bleef het aantal plezierreizigers
relatief klein Maar er kwam in die
tijd ook een andere vorm van vrijetijdsbesteding
bij Meer en meer welgestelde stedelingen kochten
in navolging van de adel een landgoed enof buitenplaats
in de omgeving Er ontstond een buitenplaatscultuur
op een plek waar de eigenaren in het
voorjaar en de zomer de drukte en de stank van
de stad konden ontvluchten Op het land vonden
ze een rustige schone en veilige omgeving die ze
bovendien naar hun eigen hand konden zetten
Dat wilde ook zeggen laten zien hoe welvarend
ze waren Landschapsarchitecten legden er naar
de nieuwste mode parken en tuinen voor vermaak
aan Na de kunstmatige rechtlijnige Franse
parkinrichting volgde de Engelse romantische
landschapsstijl Door mensenhanden werden
parken herschapen in wilde natuur Er waren
door bomen omzoomde lanen slingerpaadjes
met rododendrons vijvers heuveltjes en prieeltjes
voor een kop thee Voor de dames die hun blanke
huid wilden behouden werd een berceau aangelegd
een beschaduwd laantje van tot een boog
gesnoeide bomen
Bij voorkeur lagen die buitens dichtbij Zwolle
zoals Twistvliet Zandhove Boschwijk Landwijk
Kranenburg en Soeslo Met een rijtuig vaak in
eigen bezit waren ook andere Sallandse buitenplaatsen
en landgoederen makkelijk te bereiken
zoals De Horte Mataram Den Berg Den
Aalshorst Rechteren Vilsteren De Colckhof en
Den Alerdinck Een buitenplaats leek in zekere zin
wel een hedendaags vakantieresort een idyllische
veilige plek waar je onbelemmerd kon genieten
zonder bijna een stap te verzetten Maar s winters
was het er vaak te koud en omdat de kostverdieners
Gesina ter Borch heeft
zichzelf getekend
terwijl zij initialen in
een boom kerft 1661
Rijksmuseum
154 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
op veel dagen in de stad moesten zijn voor werk of
bestuurlijke verplichtingen reisden ze regelmatig
tussen de stad en buitenplaats heen en weer
Omdat de eigenaren van die buitenplaatsen
elkaar vaak tegenkwamen in de toen bloeiende
sociteiten lag het voor de hand dat uitnodigingen
volgden om elkaars buiten eens te bezoeken
Een buitenplaats met grote aantrekkingskracht
was Boschwijk van de Zwolse regent patriot en
dichter Rhijnvis Feith 17531824 Feith kocht
het in 1781 Het was een langgerekt bebost terrein
dat direct opviel in het open landschap waardoor
het omringd was Als dichter en romanticus lag
het voor de hand dat hij het landgoed transformeerde
tot een arcadisch landschap in de Engelse
landschapsstijl Zo aantrekkelijk was de combinatie
Feith en Boschwijk dat de buitenplaats regelmatig
bezocht werd door zijn vrienden uit Zwolle
maar ook door bekende literatoren Onder de titel
Een middag op Boschwijk schreef JA Molster
een impressie van zon vriendenbezoek aan Feith
Het gezelschap bestond die middag uit Rhijnvis
Feith Willem Bilderdijk advocaat en dichter
schrijver Johannes van der Palm hoogleraar
en dichter Jan Frederik Helmers zakenman
en dichter Elias Annes Borger hoogleraar en
dichter en de auteur Johannes Adriaan Molster
advocaat en essayist
Zicht op Boschwijk
omstreeks1820
Geschilderd door
Louis Rhijnvis Feith
17831845 zoon van
de dichter Collectie
Allemaal Zwolle vh
Stedelijk Museum
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 155
Het is een zwoele dag den 3 Augustus van het
jaar 1806 Wel te beklagen degeen die in het zweet
zijns aanschijns zijn brood toen winnen moet
Gelukkig die onder het lommer zich kan neervleijen
en al het genot smaken dat een zomerdag
zoo ruimschoots geeft zonder er de hitte van
te moeten torschen Ik weet niet hoe het mijne
lezers gaat doch als ik soms in de brandende zonnehitte
een eindweegs moest afleggen en een tuin
voorbij liep waar ik eenig gezelschap kalm rustig
en vooral koel onder een boom of in een koepel
bijeen zag dan bekroop mij dikwijls een gevoel
van afgunst en vond ik die gelukkigen zeer onbeleefd
en onmenscheljk dat ze mij niet uitnoodigden
mij armen wandelaar om bij hen plaats te
nemen en wat uit te blazen Ik leid u lezers op
dien warmen derden Augustus buiten onze vaderlandsche
stad Zwol Ge beklaagt het u ligt dat ik
u in die hitte medetroon en aan al de kwellingen
der middagzon bloot stel doch wij ontmoeten
vriendelijke goede menschen die ons niet zullen
weigeren als wij aankloppen en als het u lust
willen wij op het vriendelijk gezellig Boschwijck
een weinig uitrusten van de vermoeijenissen des
daags Boschwijck behoort onzen Rhijnvis Feith
Het zal er ons niet vervelen na een oogenblik rust
zal het ons ook nog eene aangename wandeling
aan bieden Ziet slechts die breede lommerrijke
lanen dien klaren vijver en al de Engelsche partijen
door den eigenaar zelven ontworpen en met
zorg nagegaan Het heeft eene tamelijk groote uitgestrekheid
en als ge tot het einde gaat waartoe
wij al langzamerhand naderen kunt ge uit dien
koepel die op dat heuveltje gebouwd is een charmant
uitzigt genieten op de omstreken van Zwol
en op de vette weilanden12
De multifunctionele bastions
Nederlanders zijn net als de Duitsers en de Engelsen
een volk van wandelaars Onder invloed van
de Romantiek denk aan invloedrijke auteurs als
Rousseau Goethe en later Wordsworth ontstond
ook onder de middenklasse een wandelcultuur
Zo hooggestemd als deze voorgangers hoefde een
Kaart van Zwolle met
de bastions getekend
vanwege de inname van
Zwolle door de bisschop
van Mnster in 1672
door de Vlaamse tekenaar
en graveur Gaspar
Bouttats de Oude ca
16401695 Delpher
Het Geheugen
156 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
minder romantische wandelaar overigens niet te
zijn wandelen in of buiten de stad was onder goede
weersomstandigheden gewoon een prettig tijdverdrijf
Het lijkt erop dat het Zwolse stadsbestuur
zich daar heel goed van bewust was Het creerde
kleine aanpassingen in de stad die het wandelen
misschien is flaneren een beter woord konden
veraangenamen Veel geld mocht het niet kosten
Het oog viel op de mogelijkheden die de alweer
honderd jaar oude verdedigingswerken boden
Na het einde van de Tachtigjarige Oorlog en
het tumult van de bezetting van de troepen van
Bommen Berend in 16721674 hadden de verdedigingswerken
gaandeweg hun oorspronkelijke
functie verloren en een nieuwe oorlogsdreiging
was niet in zicht Toch konden ze niet worden
afgebroken In opdracht van de afdeling Beheer
van s Lands fortificatin van de StatenGeneraal
was Zwolle verplicht de verdedigingswerken zo
goed mogelijk te onderhouden De oplossing van
het stadsbestuur was even vernuftig als goedkoop
Ze gaf toestemming voor het vestigen van leerlooierijen
en touw en lijnbanen goed voor de
stedelijke werkgelegenheid n ze liet de wallen en
de bastions beplanten met rijen bomen zodat het
er in de schaduw prettig wandelen was
Kijklustige wandelaars waren er al vanaf het
prille begin geweest maar die wandelaars kwamen
tot dan toe vooral om de sterkte van de verdedigingswerken
te bewonderen Nu verschoof
de aandacht naar het wandelen zelf De bastions
boden de wandelaar een totaalbeleving Wie toen
een bastionwandeling maakte kwam zintuigen
tekort je rook van verre de geur van graan olie en
eek eikenbast gebruikt bij het leerlooien en al
bij een beetje wind hoorde je het draaien van de
wieken En wie genoeg had van de molens kon de
arbeiders zien zwoegen op de leerlooierijen en de
lijn en touwbanen Of de doorsnee achttiendeeeuwer
dat ook zo ervoer is maar de vraag de stad
was ook buiten de bastions al vol van dat soort
geluiden en geuren
Pas in 1790 kreeg Zwolle de vrijheid te doen
met de fortificaties wat het wilde De gedachte
Gezicht op Zwolle met
Kamperpoort en Peperbus
door Pieter Jan van
Liender 17271779
Omstreeks 1760 Ongeveer
hetzelfde uitzicht
dat Harm Boom zie
pagina 170 had vanuit
zijn kamer in logement
De Zeven Provincin
in 1846 Rijksprentenkabinet
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 157
ging uit naar slopen De ironie wil dat vijf jaar
later toch weer een vijand voor de deur stond in
de winter van 17941795 viel het Franse revolutionaire
leger ons land binnen dat tot eind 1814
samen met het Bataafs patriottisch bestuur aan
de touwtjes bleef trekken Daardoor zou het nog
flink wat jaren duren voor de Zwolse bestuurders
een definitief besluit over de oude vestingwerken
namen Ondertussen kwamen plezierreisjes op
een laag pitje te staan
De stad is een onregelmatige veelhoek geworden
Na het vertrek van de Fransen werden onze
gewesten deel van het Koninkrijk der Nederlanden
en trad een lange periode van herstel in Toen
de rust was teruggekeerd kregen sinds lange tijd
plezierreizigers weer de kans op stap te gaan
In de zomer van 1823 wandelden twee Leidse
studenten Jacob van Lennep en Dirk van Hogendorp
honderden kilometers door het nieuwe
Koninkrijk Ze vertrokken op 28 mei uit Amsterdam
en kwamen op 12 juli in Zwolle aan Door
het slechte weer hadden ze vanuit Kampen de
trekschuit genomen Toen ze bij de Kamperpoort
van boord gingen was het maar een paar minuten
lopen naar logement de Zeven Provincin op de
hoek van de Hoogstraat nu Harm Smeengekade
van Jan Held een onderkomen voor heren
van stand Net als in elke andere plaats waar de
studenten verbleven legden ze meteen contact
met de stedelijke elite Maar dat viel aanvankelijk
tegen Gouverneur van Overijssel Bentinck tot
Buckhorst ontving hen in zijn ambtswoning in
de Diezerstraat beleefd maar koel en bleef staan
want hij was in groot kostuum en scheen haast te
hebben Meer Zwolse gastvrijheid ondervonden
ze van Herman Tobias de stadssecretaris Zijn
vrouw nodigde hen uit te komen souperen wat
uitpakte in eene heerlijke Fransche soep Daarna
wilden Van Lennep en Hogendorp wel iets van
Zwolle zien En net als de meeste hen voorafgaande
plezierreizigers kozen ze voor een wandeling
over de bastions
De Heer Tobias kwam ons zoals hij beloofd
had om vier uur afhalen Hij leidde ons over
de stadsschansen rond die met hoge en zware
bomen beplant waren De bolwerken heeft men
echter helemaal bedorven doordat er kleine tuintjes
ingevoegd zijn en een gedeelte van de gracht
gedempt is De stad is daardoor een onregelmatige
veelhoek geworden In een sociteit buiten de stad
dronken wij thee wandelden over enige fraaie
lanen en daarna door een bekoorlijke landstreek
met een aangename afwisseling van korenvelden
en weilanden De akkerlanden om de stad zijn
veel geld waard en worden hier berekend per mud
zaaigoed Na onze wandeling schreven wij brieven
en gingen tegen half twaalf naar bed
Te acht ure stapten wij
in den Buikslooter het
begin van de reis door
Nederland van Jacob
van Lennep en Dirk
van Hogendorp op 28
mei 1823 Uit Nederland
in den goeden
ouden tijd 1942
158 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
Een beetje gelijk hadden de heren uit Amsterdam
wel de vestingwerken waren in de loop der jaren
een rommeltje geworden Maar ondanks deze
wrevelige woorden maakte Zwolle een prettige
opgewekte indruk op ze De volgende dag wandelde
Tobias met hen naar de Grote Markt waar een
aantrekkelijke rij schoonheden aan het luisteren
was naar veldmuziek van de dragonders van het
Zwolse garnizoen Na een kop koffie in de Groote
Sociteit in de Koestraat nam hij hen mee voor
een wandeling langs het Zwartewater Ze genoten
van de prachtige vergezichten op de fraaie buitenplaatsen
langs de oever Ongetwijfeld hebben
ze hun oog laten vallen op de Ketelkolk aan de
Gasthuisdijk en op buitenplaats Twistvliet dat een
paar jaar eerder was aangekocht door houthandelaar
Eindhoven Enigszins verrast merkten ze op
dat het Zwartewater inderdaad zwart van kleur is
maar dat als je het water in een glas doet het wit
en helder is Weer terug bij de Zeven Provincin
was het buitenplein stampvol met Zwollenaren
die luisterden naar het tweede concert van het
garnizoen
Op de derde dag van hun verblijf in Zwolle
nam Tobias zijn gasten mee voor alweer een klassieke
wandeling Langs de pas aangelegde Willemsvaart
1819 wandelden ze naar het Katerveer
om daar met een boot de IJssel over te steken
Hattem vonden de gasten een ellendige vervallen
stad waar de straten zo slecht geplaveid waren
dat je er niet doorheen kon rijden Dat deden ze
dan ook niet Ze wandelden door korenvelden
over de hei naar de Trijselerberg waar ze van het
uitgestrekte panorama genoten tot Nijkerk aan
toe Beneden zagen ze dat het Huis Molecaten verworden
was tot een woonplaats voor honden Wel
waren de twee papiermolens van het landgoed in
bedrijf aangedreven door een beekje dat van de
berg af huppelde Weer terug in Zwolle maakten
ze nog een avondwandeling rond de stad wederom
onder leiding van de onvermoeibare Herman
Tobias Zo kwam een einde aan drie dagen sightseeing
Zwolle Het verblijf was Van Lennep en Van
Hogendorp goed bevallen Logement de Zeven
Provincin vonden ze zelfs het beste onderkomen
dat ze tot dan toe waren tegengekomen De vol
Logement de Zeven
Provincin op de
Beestenmarkt nu
Harm Smeengekade
omstreeks 1830 Het
logement beschikte over
een stalling voor vijftig
paarden en een ruim
wagen en koetshuis
Collectie HCO
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 159
gende dag was Tobias zo galant de heren met zijn
wagen met harddravers de stad uit te rijden in de
richting van Meppel Na een rit van drie uur kwamen
ze aan bij buitenplaats de Rollecate van baron
Van Dedem de stichter van het gelijknamige
kanaal Daar namen ze afscheid van hun gastheer
en bedankten hem voor al zijn vriendelijkheden
Met recht lijkt ons Herman Tobias verdient de
eretitel van de eerste stadsgids van Zwolle13
Het verleden wordt gesloopt
Vijftien jaar na het bezoek van Van Lennep en Van
Hogendorp nam de gemeente onder het bestuur
van burgemeester Vos de Wael een kloek besluit
met ingrijpende gevolgen In 1838 presenteerde het
college een plan voor de uitbreiding van Zwolle De
tijden en de omstandigheden zijn aanzienlijk
veranderd Sedert het laatst der vorige eeuw is Zwolle
gelukkig geene vesting meer Het beleid moest daarom
honderdtachtig graden worden bijgesteld
Oudtijds was men genoodzaakt de stad zoo
veel mogelijk ontoegankelijk te maken en ze tot
een groot bolwerk te stichten Thans kan men ze
geheel penstellen en de huivering verwekkende
bolwerken bastions en hooge wallen kunnen nu
tot aangenaame lustplaatsen en wandeldreven
aangelegd worden
Met voor Zwolle ongewone voortvarendheid
werd het plan gerealiseerd Vijf jaar later vertelde
burgemeester Vos de Wael trots tegen de raadsleden
dat de oude nauwe poorten zonder bouwkundige
waarde waren gesloopt en opgeruimd
De hoge wallen en borstweringen waren veranderd
in aangename wandeldreven
De kaart van Zwolle
omstreeks 1860 met de
begroeiing op de bastions
groen ingekleurd
Collectie HCO
160 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
En zo was het de stadsmuren en de meeste
grote en kleine poorten waren verdwenen de
Diezerpoort al in 1829 de Kamperpoort in 1833
Alleen de Sassenpoort overleefde de sloophamer
waarschijnlijk omdat die van de drie stadspoorten
nog het meest in goede staat verkeerde We
zouden de stadsbestuurders deze vernietiging van
het historisch erfgoed kunnen verwijten maar zij
keken er niet met de ogen van onze tijd naar Ook
na hen zouden Zwolse bestuurders vergelijkbare
keuzes maken En daarin had de burgemeester
gelijk door het sloopwerk was er ruimte gekomen
voor aangename lustplaatsen en wandeldreven
Een kaart uit het midden van de negentiende
eeuw laat zien dat alle elf bastions waren herschapen
in plantsoenen en lanen met dubbele rijen
bomen Ze waren nadrukkelijk bedoeld voor de
Zwolse gemeenschap om te wandelen een soort
toerisme in eigen stad Openbare of publieke
wandelingen werden ze genoemd Veel geld
was daar niet mee gemoeid want de gemeente
vond een oplossing waarbij het mes aan twee
kanten sneed zoals een bezoekster van onze stad
opmerkte
Alle werk aan stadswallen en wandelingen
wordt meestal in den winter verrigt wanneer
velerlei andere arbeid stil staat en dus vele lieden
bij gebrek aan werk zouden moeten bedelen Op
die wijze is de verfraajing der stad dienstbaar
gemaakt aan het hier aangenomene beginsel
ook bij het armwezen dat de ledigheid nimmer
mag gevoed en de ondersteuning aan lieden die
gezond zijn in arbeid moet verstrekt worden14
De openbare wandelingen werden al snel populair
onder Zwollenaren Ze lagen aan de rand van de
stad en dat was alleen al door de betrekkelijke
rust die dat bood aantrekkelijk voor welgestelden
om er een stadsvilla te bouwen Bij de latere
verkoop van een huis op zon locatie werd in de
advertenties dan ook nooit onvermeld gelaten
dat het gelegen was aan de openbare wandeling
De Suikerberg aan de Potgietersingel was een van
de populairste wandelingen in de stad Het park
was al veel eerder voorbestemd om wandelplaats
te worden Coenraad Willem baron van Dedem
16441714 volgens tijdgenoten een vermaard
krijgsman uit de Spaanse Successieoorlog kreeg
Het in 18401841
gebouwde Paleis van
Justitie op de plek van
de daar gesloopte wallen
ca 1845 Getekend
door FAC Hoffmann
onder supervisie van
J Plgger Foto collectie
HCO
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 161
van het stadsbestuur het recht het bastion met
bomen te beplanten en in te richten als wandeling
Hij kon vanuit zijn huis Koestraat 10 door
een gang onder de stadswallen zijn privwandelplaats
bereiken Eeuwenlang stond de Suikerberg
daarom ook wel bekend als het Bestevaershofje
of Bestevaers wandeling15
De metamorfose die Zwolle had ondergaan
mocht gezien worden Veel was gesloopt maar
velen vonden in die tijd dat de stad er door de aanleg
van de openbare wandelingen een stuk mooier
door was geworden Stadstekenmeester Jacob
Plgger 17951871 leraar aan de Zwolse tekenschool
zag er brood in en vroeg de jonge Zwolse
tekenaar FAC Hoffmann 18221889 een aantal
stadsgezichten te maken Dat leverde zes fraaie
gravures op stuk voor stuk gemaakt enkele jaren
na de aanleg van de openbare wandelingen Iedere
Zwollenaar zal zich na het zien van de prenten
hebben gerealiseerd de stad heeft een heel ander
aanzien gekregen
Het Engelse Werk
En er was meer In de negentiende eeuw werden
ook wandelingen buiten de grachtengordel aangelegd
Populair was de brede met bomen omzoomde
weg langs de Willemsvaart naar het Katerveer
Onderweg kon de wandelaar nog even iets nuttigen
bij het Koffie en Roomhuis van Tijssen Bij
het Katerveer troffen de wandelaars reizigers aan
uit de richting van Hattem die net met het veer de
IJssel waren overgestoken Logement en Koffiehuis
Katerveer was erg populair Van der Aa schreef in
zijn Handboekje voor reizigers 1849 Des zomers
heeft hier veelal des Zondagsnamiddags muziek
plaats en komen dan de Zwollenaren en Hattemers
derwaarts wandelen Hij vergat nog de zondagse
danspartijen die er georganiseerd werden16
Een en ander was goed te combineren met
een wandeling door het Engelsche Werk In 1828
had de gemeente besloten de oude verdedigingswerken
in het Nieuwe Werk te slopen om er door
architect Van Lunteren uit Utrecht een openbare
wandelplaats te laten aanleggen In de jaren dertig
werd dat plan gerealiseerd door inzet van Zwolse
werklozen Het geeft aan dat de gemeente Zwolle
belang hechtte aan groen in of nabij de stad
omdat juist in die jaren de financile toestand van
de stad vrij slecht was De naam van het park verwijst
naar de Engelse landschapsstijl die toen in
de mode was Wandelaars konden er genieten van
de volmaakte stilte en van den waarlijk schoonen
aanleg der heuvelachtige en waterpartijen17
Deel van het plan voor de renovatie van het Wandelpark genaamd het Nieuwe
Werk te Zwolle uit 1878 van de landschapsarchitect Wattez uit Bussum
Uit Rapport Historisch overzicht van het Engelse WerkSpoolderbos
162 jrg 37 nr 3 zwols historisch tijdschrift
Toch was het Engelse Werk niet meteen een
succes Het lag toch wel wat ver van de stad En
het werd er allemaal niet mooier op toen in 1864
de spoorlijn ZwolleUtrecht dwars door een deel
van het park werd aangelegd Mismoedig stelde
de raad vast dat het afgesneden stuk niet meer als
wandelplaats werd gebruikt en langzamerhand
een dichtbegroeide wildernis was geworden die
tot niets dient In 1878 liet het gemeentebestuur
een plan maken het park zo in te richten dat er
een schoone gelegenheid voor een rijtoer te verkrijgen
zou zijn Wat aangeeft dat de doelgroep in
die jaren nog steeds bestond uit de betere standen
Maar dat zou veranderen Tegenwoordig is het
park populair bij vele Zwollenaren Door zorgvuldig
beheer was en is het park alleen al bijzonder
door de rijke flora en fauna OudZwollenaar
Eli Heimans 18611914 natuurbeschermer
en schrijver van vele boeken over alles wat leeft
en bloeit kwam speciaal voor het Engelse Werk
graag nog eens terug naar zijn geboortestad
De laatste week van de vorige zomervacantie
heb ik te Zwolle doorgebracht t Was de heele
Maandag drukkend warm geweest zoo warm dat
ik geen lust had in t open veld of langs de dijken
te gaan botaniseeren Thuis blijven dus Neen
daarvoor is men immers in de vacantie niet buiten
Dan maar in de late namiddag naar
t Nieuwe Werk zoo als de officiele naam luidt of
naar t Engelsche Werk zoo als de Zwollenaars het
noemen Dat Engelsche Werk nu is een park zoo
mooi als er weinig in ons land zijn Misschien ben
ik in dit opzicht niet onbevooroordeeld maar mij
dunkt het Haagsche bosch en de Haarlemmerhout
zijn niet mooier18
Al in de negentiende eeuw was in het Engelse
Werk een prettige gelegenheid nu Uitspanning
Het Engelse Werk voor dorstige wandelaars Wie
te moe was om terug te wandelen kon zich bij het
Katerveer met een wagen naar Zwolle laten rijden
en vanaf 1885 met de paardentram Ideaal voor
gezinnen met kleine kinderen
Wandelboekje voor
natuurvrienden door
Heimans en Thijsse
1901 Collectie auteur
Het Engelse Werk omstreeks 1900 Collectie auteur
zwols historisch tijdschrift jrg 37 nr 3 163
Op reis naar Zwolle
In de negentiende eeuw groeide het aantal plezierreizigers
gestaag Die kwamen hier merendeels
met schepen of rijtuigen aan Zwolle maakte deel
uit van een wijdvertakt netwerk van schepen
trekschuiten gewone schuiten zeilschepen
diligences vanuit en naar alle delen van het land
Over de weg was postwagenonderneming Concordia
van W en A Visscher en A Kiesebrink
een belangrijke vervoerder van post maar ook
van passagiers Het bedrijf was gevestigd bij logement
de Keizerskroon in de Kamperstraat De
paarden werden aan de achterkant op de Ossenmarkt
gestald Maar




Like ons!