On(t)roerend monumentaal: 18: Wederopbouw binnen de Zwolse grachten

Wederopbouw binnen de Zwolse grachten

Volksvijand nummer 1

Na de Tweede wereldoorlog moest er een begin worden gemaakt met de wederopbouw van Nederland. Woningen, bedrijven, openbare voorzieningen en de infrastructuur hadden schade of een enorme achterstand opgelopen. Kortom Nederland stroopte zijn mouwen op. Ook was er kort na de Tweede Wereldoorlog een enorme toename van het aantal huwelijken. Een babyboom was op komst en de levensverwachting werd hoger. Het tekort aan woningen was schrikbarend. Deze woningnood werd tot volksvijand nummer 1 verklaard.

Miljoenste woning aan de Hogenkampsweg (foto Hans Westerink)

De zelfvoorzienende wijk

Typerend voor de wederopbouw is het idee van de maakbaarheid van de samenleving. Stedenbouw werd als instrument ingezet om een betere mens , en daarmee een betere maatschappij, te scheppen en tevens kaders te scheppen voor architectonische invulling. Kenmerkend voor de opzet van veel naoorlogse wijken is de ‘wijkgedachte’ die was gericht op gemeenschapsvorming. Optimisme, samen ergens aan werken, het gezin, de verzuiling en een grote sociale controle waren onderdeel van het leven. De huisvrouw hoefde , nadat ze de kinderen naar school had gebracht, voor de dagelijkse boodschappen de buurt niet uit. Ook wijkcentra, kerken en gezondheidszorg waren om de hoek aanwezig. Anders dan in de vooroorlogse wijken was het groen altijd dichtbij. Als vader na een dag van hard werken thuiskwam, kon hij voor het eten op het balkon of in de tuin zijn krantje lezen. In navolging van het vooroorlogse Nieuwe Bouwen hoorden licht, lucht en ruimte bij het woongenot

Zwolle aan de slag

Centrale Harculo (foto Het Oversticht)

Ook in Zwolle moest een begin worden gemaakt met de wederopbouw van de infrastructuur en bedrijven. De verhoogde A28 werd aangelegd, het Zwolle-IJsselkanaal gegraven, de centrale Harculo gebouwd en industrieterreinen aangelegd. Er werd in Nederland en ook in Zwolle enorm veel gebouwd. De miljoenste woning uit 1962 aan de Hogenkamps 139 is daarvan een bewijs. De wederopbouwwijken in Zwolle zijn Holtenbroek en Dieze-Oost. Ook rond park de Weezenlanden en van de Hanekamp tot de Ten Oeverstraat staat kenmerkende wederopbouwbebouwing.

De wederopbouw in het Zwolse centrum

Bestemmingsplankaart Van Embden: ruim baan voor het verkeer rond de Broerenkerk (bron Erfgoed Zwolle)

In de jaren 60 van de 20ste eeuw was er door sanering veel kaalslag in de Zwolse binnenstad. Grote veranderingen vonden plaats. Zoals de bouw van een winkelcentrum ( vm. V&D ) en  later de woningen van Aldo Van Eyck.  De sloop en bouwactiviteiten lagen ten grondslag aan het bestemmingsplan voor de binnenstad. Dit plan was opgesteld door stedenbouwkundigbureau Van Embden. Tussen de monumenten in Zwolse binnenstad steken de  invullingen uit die jaren en de huidige eigentijdse bouw nogal af. Voor panden voorafgaand aan de wederopbouw geldt dit minder. Deze worden meestal niet als nieuw gezien. Toch zijn er in de binnenstad ook wederopbouwprojecten aan te wijzen die zich moeiteloos voegen in het stadsbeeld. Hierna volgt een kleine selectie  van nog aanwezige en in het oog springende wederopbouwprojecten binnen de Zwolse stadsgrachten. Wie daarover meer wil weten in het boek Onzichtbaar Zwolle ( ISBN 978-90-8932-126-8 ) o.a. verkrijgbaar bij SPA boekhandel op de Assendorperstraat wordt uitgebreider over de wederopbouw binnen de stadsgrachten ingegaan.

Gedenkteken Monument 1940-1945 Ter Pelkwijkpark

foto Hans Westerink

Direct na de bevrijding werd er vanaf juni 1945 gewerkt aan de oprichting van een monument aan het Ter Pelkwijkpark ter nagedachtenis voor de gevallenen in de Tweede Wereldoorlog. Beeldhouwer Titus Leeser die later zijn atelier aan de Papenstraat achter het Celepoortje had en architect Alberda uit Wassenaar werden aangezocht als ontwerpers. De natuursteen werd aangebracht door steenhouwer H.A.M. Greve. Het brons werk is afkomstig van de bronsgieterij A. Binder uit Haarlem. Het gedenkteken bestaat uit twee natuursteensoorten. Een zwarte basaltlava is verwerkt in het plateau en een Franse kalksteen is gebruikt voor alle andere onderdelen. De onderbouw stelt een borstwering voor die uit de gracht oprijst met de in het natuursteen uitgebeitelde tekst :’ -gedenkt de – schande – maar om voort te gaan’ . De tekst is van dichter Victor van Vriesland die in Zwolle een onderduik adres had waar Leeser hem had leren kennen. Verderop staat een tekst met de verschillende groepen en aantal mensen dat omkwam. Op de pylon staat een bronzen beeld naar ontwerp van Titus Leeser van een man die zich op wil richten en uitziet naar de gezichtseinder (de toekomst). Op de pylon de tekst: ‘1940 Aan hen die vielen 1945’. Op vier mei 1950 werd het monument onthuld door Riny Beernink, dochtertje van een gevallen Zwolse verzetsheld.

Voetstuk bronzen beeld (foto Iwan van Berkel)

Bloemendalstraat 7

Bloemendalsstraat 7 foto (Hans Westerink )

Bij Bloemendalstraat 7 valt op dat de gevel ongeveer twee meter terug ligt ten opzichte van de rooilijn van de overige gevels van deze straatwand. Na de sloop van de voorgaande bebouwing hield men bij het ontwerp van het nieuwe gebouw namelijk rekening met een verbreding van de Bloemendalstraat. In 1954 werd door de gemeenteraad een krediet verleend voor de sloop van de voormalige meisjesschool aan de Bloemendalstraat en voor nieuwbouw voor de dienst Sociale Zaken van de gemeente Zwolle op dit terrein. Omdat de dienst Openbare Werken van de gemeente Zwolle te druk bezet was kregen architecten gebroeders Boxman uit Zwolle de opdracht te maken. Bij de sloop werden werkloze handarbeiders ingeschakeld. De afbraak vroeg meer tijd dan verwacht. In de grond werden namelijk restanten aangetroffen van een stenen huis met een toren dat hier in de 16de eeuw stond. Het was het huis van griffier Robert van der Beek. Op de kaarten van Joan Blaeu en die van Braun en Hogenberg is het huis te zien. Op 4 juin 1956 vond de opening plaats van het gebouw dat door zijn sobere bakstenengevels, de ritmiek van de vensters en de stalen kozijnen een bijzonder pand is. In de 20ste eeuw werden na een ontwerp van architect Rob Moritz opvallende erkers geplaatst die tegen de dakrand gebouwd zijn.

Huis van R. Beeck op de plattegrond van Braun en Hogenberg (collectie H.C.O.)

Oude Vismarkt 26-30

 Oude Vismarkt 26-30 circa 1960 (foto HCO)

In 1916 vestigde L. Wieringa in het pand Oude Vismarkt 26 een manufacturenwinkel. De winkel was een succes. Er ontstond ruimte gebrek. Een betere inrichting en uitbreiding kwam in of rond 1941 tot stand. Door de gebroeders / architecten Boxman werd een verbouwingsplan ontworpen voor de panden 26 en 28. In 1955 ontwierp architect W. Wormhout (1910 – 2002)  een plan voor uitbreiding van de panden van Wieringa, op de plek waar drie oudere huizen stonden. In het plan van Wormhout werden de voorgevel en de gevel langs de Rode Leeuwsteeg vernieuwd en het pand gedeeltelijk met een verdieping verhoogd. Het plan voorzag in een kelder die was ingericht als magazijn. De begane grond gaf tot de herenafdeling en de sportkleding. De dames en kinderkleding kregen een ruim onderkomen op de eerste etage. De tweede verdieping werd ingericht met kantoor- en atelierruimtes en een magazijn. Samen met de voormalige V&D aan de Diezerstraat / Koningsplein, de HEMA en Bervoets, later Kreijmborg en nu Douglas aan de Diezerstraat was modehuis Wieringa eind jaren ’50 en ’60 van de 20ste eeuw één van de grotere winkels / warenhuizen in Zwolle en een begrip in de stad. Het was ook de tijd van de verzuiling van Nederland. De klantenkring van Wieringa had veelal een protestantse achtergrond.

Melkmarkt 44

Melkmarkt 44 (foto Hans Westerink)

In april 1966 werden door architectenbureau C.J. Vriens plannen gemaakt voor de verbouwing van Melkmarkt 44. De opdrachtgever was de heer J.G. Pierik uit Dalfsen. Met de plannen werden een caféruimte met bar en bovenzaal gerealiseerd. Eindjaren 60 van de vorige eeuw was in het pand  Bar dancing ‘Go In’ gevestigd. Bij de verbouwing van het pand werd de voorgevel vervangen door een betonnen schermgevel. Deze gevel bestaat uit bestaat uit sierbetonelementen en resulteerde in een sprekende gevel met fraaie ritmiek. Het rasterwerk is gebouwd als een vliesgevel. Midden in het rasterwerk zit een houten frame dat dient als venster. Dit onderdeel is moeilijk te duiden in deze gevel in de oorspronkelijke tekeningen van architect Vriens komt dit venster dan ook niet voor. Ook de onderpui is inmiddels gewijzigd. Met een traditioneel pannendak is de combinatie met de vliesgevel niet typisch  voor de wederopbouw. De gevel heeft wel ter discussie gestaan. In 1975 lag er voor dit pand namelijk een goedgekeurd plan klaar voor een reconstructie van de oorspronkelijke gevel.

Eekwal 5

Voorgevel Eekwal 5 (foto Hans Westerink)

Het straatbeeld van de Eekwal wordt gedomineerd door villa’s in eclectische bouwstijl. Aan de grachtzijde staat daartussen een gebouw dat als vooroorlogs zou kunnen worden gedateerd. Gebouwd op de oude vestingwerken van Zwolle en met een ruime tuin aan de achterzijde, die grenst aan de stadsgracht, staat dit haast onopvallend flatgebouw in traditionele bouwstijl opgetrokken met invloeden van de architectuur van Berlage. Het Zwolse architectenbureau Meijerink vraagt in juli 1951 een vergunning aan voor het bouwen een flatgebouw met zes woningen en meer dan twee bouwlagen. Dat was volgens de geldende bebouwingsvoorschriften niet toegestaan. Stedenbouwkundig adviseur, architect W.M. Dudok gaf het gemeentebestuur in overweging geen bouwvergunning te verlenen. Het negatieve advies over de bouwhoogte voor Eekwal 5 werd door het college naast zich neergelegd. Wel werden er een aantal voorwaarden gesteld. Onder andere  moesten  slaapkamers worden aangepast, muren waren niet dik genoeg en het trappenhuis moest aan de voorzijde van het gebouw worden geprojecteerd. Het oplossen van de door de gemeente gemaakte opmerkingen kreeg een lange nasleep. Pas op 6 januari 1953 kon het flatgebouw worden opgeleverd.

Trapopgang Eekwal 5 (foto Hans Westerink)

Oude Vismarkt 42 en 44

De jaren ’60 van de 20ste eeuw was de tijd van de vooruitgang en het begin van consumptiemaatschappij. Mensen kregen het beter en konden luxe artikelen aanschaffen. In die tijd kochten steeds meer mensen een zwart wit tv, een radio, een platenspeler of pick-up, een band of spoelenrecorder, een wasmachine, een elektrisch scheerapparaat of een haardroger. Eén van die zaken waar men in Zwolle voor dergelijke luxe artikelen terecht kon was Van Nieuwenhoven Radio- Televisie aan de Oude Vismarkt. Voor de gebroeders  Van Nieuwenhoven ontwierp architect J.W. Boxman uit Zwolle in 1966 een winkel met werkplaatsen en bovenwoningen. De betonconstructies zijn berekend en ontworpen door Chr. Stoel, adviseur voor bouwconstructies. Oude Vismarkt 42 is een voorbeeld van shake hands architectuur waar oude bouwconstructie met de nieuwe worden gecombineerd. Oude Vismarkt 44 heeft een voorgevel met betondecoratie. Tussen de beton is de gevel opgevuld met glaspuien en metselwerk. Bij het afgeven van de bouwvergunning sprak men destijds van een goed plan.

Voorgevel Oude Vismarkt 42 en 44 (foto Hans Westerink)

Kerkstraat 12 en 13

Kerkstraat 12 en 13 voorgevel (foto Johan Teunis)

Architectenbureau Mastenbroek en de Herder profiteerde als veel architecten van de opbloei van de bouwnijverheid na de Tweede Wereldoorlog. In oktober 1958 werd door hen namens E. Kolk en G. Klein-Beekman bouwvergunning aangevraagd voor de bouw van een flatgebouw met zes flatwoningen. Het gebouw is opgetrokken in ‘shake hands’ architectuur. Bij deze bouwstijl combineert de architect traditionele en moderne bouwmaterialen. Moderne materialen als staal en beton werden gecombineerd met traditionele baksteengevels. Bij de panden aan de Kerkstraat is het betonskelet opgevuld met baksteen. De mozaïektegels in de voorgevel vragen de aandacht. Na de oplevering van het pand stond er rechts van de flat nog geen wederopbouwhoekpand. Wanneer en door wie het hoekpand is ontworpen is niet bekend. Dit gebouw loopt door tot in de Hagelstraat. Samen refereren deze twee bouwprojecten aan de grootschalige nieuwbouw uit de wederopbouwperiode in de wijken Holtenbroek en Dieze.

Kerkstraat 12 en 13 mozaïektegels (foto Hans Westerink)

Thorbeckegracht 19-20

Thorbeckegracht 19-20 voorgevel foto (Hans Westerink)

In 1899 richtte Antonij ten Doesschate een onderneming in kruiden, specerijen en andere farmaceutische artikelen op aan de Thorbeckegracht. In 1930 zette Ten Doesschate de specerijenhandel onder de merknaam ‘De Peperbus” voort. De specerijen werden onder de slogan: ‘pure kruiden, fijngemalen’ in blikjes met draaideksel op de markt gebracht.  Op  20  mei  1940 werd aan N.V. Handelsvereniging A.J. ten Doessschate vergunning verleend voor het bouwen van een fabrieksgebouw. Het is daarmee één van de weinige gebouwen die tijdens de tweede wereldoorlog werden gebouwd. Eerder had op deze plek een poetskatoenfabriekje gestaan. Het pakhuis met bedrijfsruimte van ten Doesschate werd gebruikt voor opslagtanks met levertraan. Ook was de expeditieafdeling in het gebouw gevestigd. Architect J.G. de Herder uit Zwolle was verantwoordelijk voor het ontwerp. In 1946 vestigde Ten Doesschate zich met de productie in Wapenveld. In 1970 werd de magazijn ingang ( de huidige) voordeur aangepast naar een ontwerp van architecten Boxman. Na een verbouwing betrok ’19 het atelier architecten in 2005 het pand. De nieuwe dakopbouw, een halfronde stalen kap met veel glas is spraakmakend in het Zwolse in stadsbeeld.

Thorbeckegracht 19-20 interieur van de opbouw (foto Rob Moritz)

Voorstraat 26

Oorspronkelijke gevel Voorstraat 26 (foto Hans Westerink)

Het gebouw van Drukkerij Tijl was één van de weinige voorbeelden van een bedrijfsgebouw in de binnenstad in de traditionalistische stijl met diverse kenmerken van voor de tweede wereld oorlog. De lift toren is gedecoreerd met panelen met gekleurd glas en bekroond met een de afbeelding van een lindeboom. Deze boom is het symbool van de drukkerij. De uitbreiding uit 1955 van de voormalige Koninklijke drukkerij en uitgeverij ‘De Erven Tijl’ aan de Voorstraat is een ontwerp van architect W.A. Lensvelt uit Epe. Lensvelt is ook de ontwerper van de Arks fabrieken in Heerde ( nu Bolletje) en een fraaie villa aan de Oranje Nassaulaan 8 te Zwolle. Tijl was oorspronkelijk gevestigd in een pand aan de zuidzijde van de Melkmarkt. Omdat uitbreidingsplannen op deze plek in de binnenstad niet realiseerbaar waren verliet Tijl al in 1968 de binnenstad. Een gevelsteen met de afbeelding van een lindeboom en het jaartal 1777 uit een gesloopt pand aan de Melkmarkt verhuisde mee naar het nieuwe onderkomen aan de Blaloweg. Na een verbouwing in 1969 was in het pand jarenlang de Gemeentelijke Archiefdienst gevestigd. Een aantal jaren geleden werd het gebouw gedeeltelijk gesloopt en vond er nieuwbouw plaats voor de kleding winkel Primark. De gevelsteen met de lindeboom zou in het pand herplaatst worden maar tot op heden is dat niet gebeurd.

Gevelsteen ‘de lindeboom’ (foto Johan Teunis )

Tekst: Johan Teunis

Bron: Het boek OnZichtbaar Zwolle Archeologie en bouwhistorie van de stad.